Naar de zaak.

'Naar de zaak' is een gedigitaliseerd Moleskine verslag van mijn werkzaamheden. Je vind hier mijn werkervaringen in foto's, film, quotes en artikeltjes. Het is een dagboek maar dan veelzijdiger. Een zelfreflectie-verslag maar dan op z'n 2.0. Mijn resumé, op het interwebs.
Naast mij op deze foto zit Joren. Joren kijkt mij op de foto verbaasd aan omdat ik hem zojuist had medegedeeld dat deze foto toch echt op mijn wereldberoemde blog zou komen. ‘Mijn foto, wat moeten mensen daar mee? Hetzelfde vroeg hij zich af toen ik hem vertelde dat ik een kort verhaaltje over hem wilde schrijven. ‘Wie is er nou in mij geinteresseerd?’

Je hoort het al. Joren heeft een eigenschap die je tegenwoordig nog maar in beperkte mate tegen komt; bescheidenheid. Prachtige eigenschap, maar minder handig wanneer je werkzoekende bent in een periode waarin de banen niet voor het oprapen liggen en je dus in staat moet zijn jezelf te verkopen aan werkgevers. En dan komt er nog eens bij dat Joren een afstand tot de arbeidsmarkt heeft.

Wat dat betekent? Joren heeft onderontwikkelde sociale vaardigheden, al valt dit naar eigen zeggen in de praktijk wel mee. Door een achterstand in sociale vaardigheden heeft hij een moeilijk jeugd en later studententijd gehad waarin hij lastig contact kon leggen met anderen. Ook zijn inlevingsvermogen is beperkt, hij heeft een lichte vorm van autisme. Dit heeft natuurlijk impact gehad op zijn leven. Joren is afgestudeerd Bestuurskundige, maar is daarna nooit aan een baan gekomen. Naar mate de tijd verstreek en Joren zonder werk zat is hij beetje bij beetje gaan geloven dat een echte baan er voor hem niet meer in zit. ‘Waarom zouden ze mij willen, wat heb ik nu nog te bieden?’ Ieder jaar na zijn afstuderen zonder werk solliciteerde hij minder en werd de angst om afgewezen te worden groter. ‘Op een gegeven moment solliciteerde ik niet meer, er van overtuigt dat niemand me zou willen hebben’. 

Als ik Joren ontmoet, een paar weken geleden op een banenmarkt voor mensen met een ‘afstand tot de arbeidsmarkt’, is het 15 jaar geleden dat hij afstudeerde in de Bestuurskunde als specialisatie binnen Politicologie, op het onderwerp externe veiligheid. Hij deed een goede stage bij het voormalige VROM en verbaasde zichzelf door met succes interviews af te nemen voor zijn research scriptie. Daarnaast schreef hij mee aan een notitie over de state of the art van externe veiligheid. 

Joren vertelt mij op de banenmarkt dat hij na jaren nu eindelijk weer de moed had  om zich te presenteren aan werkgevers. Maar met grote moeite. En dat kon ik aan hem zien. Ik kwam in contact met hem omdat ik een jongeman al meer dan een uur verlegen tussen de menigte zag staan. Niet in gesprek met anderen. Het gezicht naar beneden en onhandig wiebelend van de ene voet naar de andere voet. Dus stapte ik op hem af om meer over hem te ontdekken. Zijn ‘verhaal’ te horen.

Wat bleek is dat Joren een hele slimme jongeman is met veel interesses. Zo hadden we nog wel uren verder kunnen praten over Filosofie. Ook blijkt hij te beschikken over een goede dosis humor, zelfspot, en charme die veel beter passen bij zijn knappe kop dan de extreem verlegen indruk die hij op het eerste gezicht maakt. En  zijn beperkte sociale vaardigheden. Hebben we die niet allemaal? Verbaasd was hij dat ik toegaf me ook niet in te kunnen leven in collega’s die ruzie maken over kerstpakketten, mij dagen lang kan opsluiten met alleen boeken, geirriteerd kan raken als je mij voor 10 uur ‘s ochtends vraagt hoe het met gaat en ook geen idee heb wat er bedoeld wordt met ‘meer van jezelf laten zien’. 

Om Joren te helpen besloot ik via deze manier aandacht aan zijn situatie te geven. Joren wilt graag werken, maar zit nu thuis. Hij heeft de afgelopen jaren niet gewerkt en daardoor een leeg CV, maar hij is erg intelligent, gemotiveerd en je kan als werkgever rekenen op zijn eerlijkheid, betrouwbaarheid en loyaliteit.

Het is waar dat Joren, en anderen met hem, om goede en soms minder goede redenen uit de arbeidsmarkt zijn gestapt, gezet, geraakt, maar wanneer ze zelf  weer het initiatief nemen om te gaan werken moeten hier ook kansen aan worden gegeven. Veel mensen die nu aan de zijlijn staan worden overspoeld moet cursussen en trainingen ‘hoe profileer ik mezelf’, ‘hoe maak ik gebruik van social media om zichtbaar te worden voor werkgevers’. Belangrijker is denk ik dat de recruiters van werkgevers echt luisteren en kijken naar de persoon die voor hen staat. Joren hoort vaak dat hij raar of asociaal is. Maar vraag ook eens waarom hij dichtslaat in een groep mensen. Hoe raar zijn de redenen van een ander? 

Joren hoort ook vaak dat hij een ‘verhaal’ moet hebben. Ik vroeg het hem ook. Maar eigenlijk is dat pas een asociaal en raar verzoek. Alsof hij mij de essentie van zijn leven op een presenteerblaadje moet geven zodat ik kan bepalen of ik het leuk vind of het niet, en daarmee af. In zijn bescheidenheid beantwoordde Joren mijn vraag ‘Wat is jouw verhaal?’ met een niet begrijpend gezicht en ‘Welk verhaal?’. En dat was de beste vraag van die dag en hij heeft mij nog lang aan het denken gezet. Dank daarvoor.

Wie Joren naar aanleiding van dit stukje wilt benaderen met het goede nieuws dat er ergens werkt te vinden is gerelateerd aan zijn afstudeerrichting kan contact met mij opnemen via talithamuusse@live.nl, dan laat ik het hem weten!

Naast mij op deze foto zit Joren. Joren kijkt mij op de foto verbaasd aan omdat ik hem zojuist had medegedeeld dat deze foto toch echt op mijn wereldberoemde blog zou komen. ‘Mijn foto, wat moeten mensen daar mee? Hetzelfde vroeg hij zich af toen ik hem vertelde dat ik een kort verhaaltje over hem wilde schrijven. ‘Wie is er nou in mij geinteresseerd?’


Je hoort het al. Joren heeft een eigenschap die je tegenwoordig nog maar in beperkte mate tegen komt; bescheidenheid. Prachtige eigenschap, maar minder handig wanneer je werkzoekende bent in een periode waarin de banen niet voor het oprapen liggen en je dus in staat moet zijn jezelf te verkopen aan werkgevers. En dan komt er nog eens bij dat Joren een afstand tot de arbeidsmarkt heeft.


Wat dat betekent? Joren heeft onderontwikkelde sociale vaardigheden, al valt dit naar eigen zeggen in de praktijk wel mee. Door een achterstand in sociale vaardigheden heeft hij een moeilijk jeugd en later studententijd gehad waarin hij lastig contact kon leggen met anderen. Ook zijn inlevingsvermogen is beperkt, hij heeft een lichte vorm van autisme. Dit heeft natuurlijk impact gehad op zijn leven. Joren is afgestudeerd Bestuurskundige, maar is daarna nooit aan een baan gekomen. Naar mate de tijd verstreek en Joren zonder werk zat is hij beetje bij beetje gaan geloven dat een echte baan er voor hem niet meer in zit. ‘Waarom zouden ze mij willen, wat heb ik nu nog te bieden?’ Ieder jaar na zijn afstuderen zonder werk solliciteerde hij minder en werd de angst om afgewezen te worden groter. ‘Op een gegeven moment solliciteerde ik niet meer, er van overtuigt dat niemand me zou willen hebben’. 


Als ik Joren ontmoet, een paar weken geleden op een banenmarkt voor mensen met een ‘afstand tot de arbeidsmarkt’, is het 15 jaar geleden dat hij afstudeerde in de Bestuurskunde als specialisatie binnen Politicologie, op het onderwerp externe veiligheid. Hij deed een goede stage bij het voormalige VROM en verbaasde zichzelf door met succes interviews af te nemen voor zijn research scriptie. Daarnaast schreef hij mee aan een notitie over de state of the art van externe veiligheid. 


Joren vertelt mij op de banenmarkt dat hij na jaren nu eindelijk weer de moed had  om zich te presenteren aan werkgevers. Maar met grote moeite. En dat kon ik aan hem zien. Ik kwam in contact met hem omdat ik een jongeman al meer dan een uur verlegen tussen de menigte zag staan. Niet in gesprek met anderen. Het gezicht naar beneden en onhandig wiebelend van de ene voet naar de andere voet. Dus stapte ik op hem af om meer over hem te ontdekken. Zijn ‘verhaal’ te horen.


Wat bleek is dat Joren een hele slimme jongeman is met veel interesses. Zo hadden we nog wel uren verder kunnen praten over Filosofie. Ook blijkt hij te beschikken over een goede dosis humor, zelfspot, en charme die veel beter passen bij zijn knappe kop dan de extreem verlegen indruk die hij op het eerste gezicht maakt. En  zijn beperkte sociale vaardigheden. Hebben we die niet allemaal? Verbaasd was hij dat ik toegaf me ook niet in te kunnen leven in collega’s die ruzie maken over kerstpakketten, mij dagen lang kan opsluiten met alleen boeken, geirriteerd kan raken als je mij voor 10 uur ‘s ochtends vraagt hoe het met gaat en ook geen idee heb wat er bedoeld wordt met ‘meer van jezelf laten zien’. 


Om Joren te helpen besloot ik via deze manier aandacht aan zijn situatie te geven. Joren wilt graag werken, maar zit nu thuis. Hij heeft de afgelopen jaren niet gewerkt en daardoor een leeg CV, maar hij is erg intelligent, gemotiveerd en je kan als werkgever rekenen op zijn eerlijkheid, betrouwbaarheid en loyaliteit.


Het is waar dat Joren, en anderen met hem, om goede en soms minder goede redenen uit de arbeidsmarkt zijn gestapt, gezet, geraakt, maar wanneer ze zelf  weer het initiatief nemen om te gaan werken moeten hier ook kansen aan worden gegeven. Veel mensen die nu aan de zijlijn staan worden overspoeld moet cursussen en trainingen ‘hoe profileer ik mezelf’, ‘hoe maak ik gebruik van social media om zichtbaar te worden voor werkgevers’. Belangrijker is denk ik dat de recruiters van werkgevers echt luisteren en kijken naar de persoon die voor hen staat. Joren hoort vaak dat hij raar of asociaal is. Maar vraag ook eens waarom hij dichtslaat in een groep mensen. Hoe raar zijn de redenen van een ander?


Joren hoort ook vaak dat hij een ‘verhaal’ moet hebben. Ik vroeg het hem ook. Maar eigenlijk is dat pas een asociaal en raar verzoek. Alsof hij mij de essentie van zijn leven op een presenteerblaadje moet geven zodat ik kan bepalen of ik het leuk vind of het niet, en daarmee af. In zijn bescheidenheid beantwoordde Joren mijn vraag ‘Wat is jouw verhaal?’ met een niet begrijpend gezicht en ‘Welk verhaal?’. En dat was de beste vraag van die dag en hij heeft mij nog lang aan het denken gezet. Dank daarvoor.


Wie Joren naar aanleiding van dit stukje wilt benaderen met het goede nieuws dat er ergens werkt te vinden is gerelateerd aan zijn afstudeerrichting kan contact met mij opnemen via talithamuusse@live.nl, dan laat ik het hem weten!

Ramadan

Vannacht ben ik begonnen met de Ramadan. Om 3uur ‘s nachts had ik de wekker gezet om te beginnen aan mijn allereerste sohrochtendmaaltijd, ooit. Spannend!

Gisteravond had ik al meegedaan met de iftar, de maaltijd na het vasten, bij een vereniging van jonge moslims in Rotterdam West. Zij hebben mij meer vertelt over de redenen om te vasten, en vroegen mij andersom van alles over het ‘christen’ zijn. Ik ben diep geraakt door de gastvrijheid en de openheid van de jonge moslims en moslima’s. Zo kon ik na mijzelf te hebben gewassen en gekleed mee doen met het avondgebed en kreeg ik meerdere uitnodigingen om komende week de iftar mee te vieren. Tijdens het eten was er ook ruimte voor discussie, aan de mannentafel nog wat meer dan bij de vrouwen. Het was zo interessant om te horen van de moslima’s aan mijn tafel wat de islam voor hen betekent als mens en hoe ze in het dagelijks leven soms te maken krijgen met onbegrip bij niet-moslims. En uiteraard hadden we het ook over de hoofddoekjes. Mij werd verzekerd dat het absoluut een keuze is die je zelf maakt en dat er geen sprake is van dwang of onderdrukking. In de Islam zijn mannen en vrouwen juist gelijkwaardig, en voorbeelden die worden aangehaald waarin dit niet zo is hebben met cultuur te maken in plaats van het geloof.

Terug naar de Ramadan. De Ramadan is voor de moslims een feestmaand waarin tussen zonsopgang en zonsondergang wordt gevast. Door te vasten leren moslims zich zelf te bedwingen van allerlei behoeften zoals eten en drinken, alcohol, roken, seks en het begaan van andere zonden zoals liegen of anderen kwetsen. Ook is het de bedoeling in de vastenmaand je bewust te worden van jezelf, je gedrag, je gedrag in relatie tot anderen en na te denken of je de persoon bent die je graag zou willen zijn. Het is dus een maand waarin je aan je zelf werkt, zodat je na de Ramadan een beter mens bent geworden. 

Waarom doe ik mee? Ik ben protestants gedoopt, christelijk opgevoed en ik zie mij zelf als ‘gelovige’. Wat ik dan precies geloof, daar zou ik meerdere blogs aan kunnen wijden, maar het komt er min of meer op neer dat ik geloof dat mijn bestaan, en dat van mijn medemensen, evenals de aarde, de sterren en het gehele universum, een reden heeft, een zin die voor het ontstaan van alles hieraan werd gegeven, een bedoeling die voor ons stervelingen maar moeilijk te doorgronden is. Omdat ik denk dat wij christenen hetzelfde proberen te begrijpen als moslims, boeddhisten of hindoes ben ik altijd geïnteresseerd geweest in de toch compleet verschillende uitingen van de verschillende godsdiensten. Door nu een week mee te doen met de Ramadan hoop ik te begrijpen wat de spirituele ervaring is die moslims meemaken in deze maand en zo meer te leren over hun godsdienst en tradities. Ik denk dat verdiepen in elkaars godsdiensten en gebruiken alleen maar kan leiden tot meer wederzijdse liefde en begrip. Daarnaast is het ook een uitdaging voor mezelf. Kan ik zonder die bakken koffie in de ochtend, lunch buiten de deur en een glaasje rode wijn op het terras?  En tegelijkertijd productief blijven en een gezellig mens? 

Het is nu iets minder dan 8uur voordat ik pas weer mag eten. Inmiddels voel ik mij al aardig licht worden in mijn hoofd en krijg ik de enorme drang om een siesta te gaan houden. Ook ben ik net al 5 keer uit automatisme de keuken in gelopen om wat te pakken. Maar ik blijf sterk en wacht lekker tot ik na zonsondergang het vasten kan verbreken met dadels en melk. 

21

talithamuusse:

21 jaar heb ik heel veel gekregen. Rijkdom, geluk, liefde en het leven. Zijn ambities gegroeid, werd ik steeds meer gedreven. Kleine stapjes vooruit, leren geven en nemen. Gehuild en gelachen, geschreeuwd en gezwegen. Veel gelezen, minder gerekend, naief gedaan maar zeker ook op z’n tijd geslepen….

11 months ago - 1

LITE / DARK

Vandaag was ik bij LITE / DARK in Amsterdam. Al vaker was ik langs dit zaakje gelopen aan de Utrechtsestraat en werd mijn aandacht getrokken door het opvallende interieur, de kistjes met fruit en de chocolade. Maar vanwege haast ben ik er niet eerder naar binnen gestapt. Vandaag wel en gelukkig maar! Bij LITE /DARK worden zowel heerlijke fruitsappen met bijzondere energizers gemaakt als de heerlijkste chocolade verkocht, en combinaties tussen fruit en chocolade gepresenteerd. Zo kan je er frambozen, aardbeien en bananen in chocola gedompeld kopen, maar ook dadels en zelfs een chocolade pizza. De menukaart is echt WOW. Omdat je niet alles in een keer kan uit testen heb ik er voor gekozen de chocolade melk uit te proberen, aangezien het de beste van Amsterdam schijnt te zijn. Neem maar van mij aan, dat is het ook. De chocolademelk wordt bereid door pure chocolade te smelten en vervolgens warme melk aan toe te voegen. Je drinkt een chocolade melk die meer dan 70 procent cacao bevat, en gemaakt is van kwalitief hoogwaardige biologische pure chocolade; en dat proef je echt!

Maar het leukste van mijn bezoek aan LITE / DARK was het verhaal van de man achter deze zaak; de eigenaar Bastiaan Spohr. Hij gaf zijn topbaan bij Deloitte op om te gaan ondernemen, om zelf een succesvol product en concept neer te zetten en bedacht met een vriend LITE / DARK. In het concept wordt ‘gezondheid’ gekoppelt aan ‘verleiding’ en een ‘trendy lifestyle’. De klant is jong, gezond, zelfbewust en houdt van kwalitatief hoogwaardige producten. Ik vond het erg inspirerend van Bastiaan te horen dat hij liever zijn zekerheden opgaf en risico nam in ondernemen dan door te blijven werken voor een baas, en dingen te doen zonder overgave. Nu de eerste zaak aan de Utrechtsestraat een succes is en LITE/DARK zich heeft uitgebreidt naar het verzorgen van exclusieve feesten en borrels, is het tijd voor twee nieuwe locaties in de hoofdstad. Bastiaan ziet op de lange termijn ook graag een zaak geopend in Rotterdam. Volgens hem staat Rotterdam altijd open voor nieuwe concepten. Later als hij groot is wilt Bastiaan dat LITE\DARK een stevig merk opzich is, met een duidelijke lifestyle eromheen, vestigingen door heel Nederland en wie weet een koppeling met mode en muziek. Ambities genoeg! 

Leuk aan Bastiaan is ook dat hij duurzaam onderneemt, wat mij natuurlijk weer aanspreekt. Hij communiceert hier echter heel bescheiden over, omdat hij het vanzelfsprekend vindt om verantwoord te komen tot een kwalitatief sterk product. Al het fruit bij LITE / DARK is biologisch, de chocolade is biologisch en fairtrade, het gehele pand inclusief interieur is zo duurzaam mogelijk en zelf de leveranciers rijden in elektrische wagens. Bastiaan heeft ook zelf het initatief genomen distributiestromen te gaan bundelen en met andere ondernemers in de straat gekeken waar er overlap zit in leveringen en hoe winsten behaald kunnen worden door het verminderen van vervoerskilometers en logistieke kostn, wat ook weer goed is voor het milieu.

Top kerel dus. Die pepers zijn overigens een weddenschap die je kan aangaan met Bastiaan. Eet je ze op, dan krijg je eeuwige roem en hoef je er niet voor te betalen. Lukt het niet, dan betaal je voor de pepers. 

There is perhaps no better demonstration of the folly of human conceits than this distant image of our tiny world. To me, it underscores our responsibility to deal more kindly with one another, and to preserve and cherish the pale blue dot, the only home we’ve ever known.

RIO+20

Toen ik 1 jaar oud was, in 1992, werd in Rio de Janeiro de eerste duurzaamheidstop georganiseerd door de Verenigde Naties. Blijkbaar maakten sommigen zich toen al druk over de staat waarin de aarde verkeerde en de rol die wij mensen daar in speelden. Sindsdien zijn er klimaatconferenties geweest in Kopenhagen en Cancun, werd Shell aangepakt door Greenpeace, liet Al Gore in zijn film een ‘Uncovenient Truth’ Nederland onder water lopen en verschenen tientallen sombere rapporten over de werelwijde afname in biodiversiteit en het smeltende ijs op de polen tengevolge van een opwarmende aarde. 

Aankomende woensdag zal weer een duurzaamheidstop van start gaan; RIO+20. Tijdens deze bijeenkomst zullen twee onderwerpen centraal staan; een groene economie in de context van duurzame ontwikkeling en armoede bestrijding en het creëren van een internationaal framework voor duurzame ontwikkeling. De uitdaging van de top is enorm omdat ze via een groene economie zowel beoogt het milieu te beschermen als armoede terug te dringen en maatschappelijke gelijkheid te creëren. 

Maar kunnen die twee doelen wel samen gaan? In theorie wel. Duurzaamheid gaat namelijk over ‘de schaarste van de hulpbronnen waarmee welvaart wordt voortgebracht, zowel nu als in de toekomst’. Als je in staat bent schaarse bronnen slimmer in te zetten, dan maak je groei op een duurzame en ecologisch verantwoorde manier mogelijk. En dit is ook het argument dat velen zullen gebruiken in Rio+20; het vergroenen van de economie zorgt op de lange termijn voor meer economische groei, en meer welvaart.

In een rapport van de IAO, UNEP, IOE en IVV wordt geschat dat een ‘groene economie’ wereldwijd tussen de 15 en 60 miljoen extra banen kan creeeren. In het rapport ‘De groene economie’ van het NCDO wordt gestelt dat er met name voor ontwikkelingslanden kansen liggen in het vergroenen van hun economieën. Een groene economie pakt namelijk naast milieuproblemen ook sociale problemen aan zoals armoede, ongelijkheid en gezondheidszorg die economische groei in deze landen belemmert.

De idee om duurzame ontwikkeling te koppelen aan armoedebestrijding en een ‘eerlijkere’ welvaartsverdeling klinkt zo gek nog niet. Maar wie verder leest in het rapport van het NCDO treft een lijstje maatregelen aan waar veel vraagtekens bij gezet kunnen worden, zeker binnen de internationale context van RIO+20.

Zo wordt genoemd:  het vergroenen van het belastingstelsel via het ‘de vervuiler betaalt’ principe, een nieuwe welvaartsindexering in plaats van het BNP, maatschappelijk verantwoord ondernemen en het creëren van een markt voor ecosystem services.

Laten we beginnen met het vergroenen van het belastingstelsel. Hier vallen maatregelen onder zoals het ‘internaliseren van de milieukosten in de prijs van producten, herstelkosten voor milieuschade en de belasting op milieuonvriendelijke stoffen’. Prima,  in Nederland. Maar moeten wij hier internationale afspraken over maken omdat wij denken hiermee ontwikkelingslanden uit de armoede te halen? Behoorlijk hypocriet aangezien het Westen de voorwaarden voor de eigen economische groei altijd zelf heeft bepaald, en dat waren er op milieugebied tot voor kort nog bar weinig. Als wij overigens echt geinteresseerd zijn in de economische ontwikkeling van de rest van de wereld dan kunnen we ook maatregelen nemen om deze landen meer te laten profiteren van globalisering; door bijvoorbeeld te stoppen met het beschermen van bepaalde Europese sectoren en het vasthouden aan antidumpingsprocedures. Natuurlijk denk ik dat het vergroenen van de economie voor ontwikkelingslanden een slimme zet kan zijn om binnenlandse ecologische en sociale problemen aan te pakken die economische groei belemmeren. Maar help ze hier dan mee door te investeren in nieuwe technologieen en innovatie daar, en beperk ze vooral niet met extra wet en regelgeving afkomstig uit de internationale arena. 

Het getuigt overigens ook van weinig vertrouwen in de vindingrijkheid van ontwikkelingslanden om oplossingen te vinden voor hun eigen ecologische en sociale uitdagingen. Laten we vooral niet vergeten, het zijn die landen die (mocht het klimaat echt compleet omslaan) het hardst geraakt zullen worden. De noodzaak om oplossingen te vinden is daar dus ook het grootst. En een ‘sense of urgency’ doet het altijd goed bij mensen om in beweging te komen. Daarnaast liggen de beste oplossingen vaak bij mensen zelf, op lokaal niveau. Ik hoor van veel mensen die lange tijd hebben gereisd en onderzoek hebben gedaan in ontwikkelingslanden dat ze verstelt staan over de briljante uitvindingen en initiatieven die mensen doen om zich een sombere sociale of ecologische sitatie op te trekken. Ik geloof daarom heel erg in het direct steunen van lokaal initiatief vanuit het westen via investeringen, kennis en kunde. Een goed voorbeeld van lokale waterprojecten in Zuid-Amerika is Cycle for Water. Of de onderwijs- en waterprojecten in Kameroen van Livebuild. Beide organisaties opgezet door jonge gedreven mensen die dicht op de projecten zitten en de problematiek in de landen kennen.

Maar terug naar de genoemde maatregelen voor een groene economie; op een nieuwe indexering voor welvaart en maatschappelijk verantwoord ondernemen (mits vanuit de ‘profit’ gedachte benaderd) heb ik weinig aan te merken. Aanmerkingen heb ik wel op het creëren van een markt voor ecosystem services. Voorstellen die hierbij horen zijn ‘het economisch waarderen van een ecosysteem in zijn geheel’ en ‘hulpbronnen afzonderlijk van economische waarde voorzien’. In normale taal:  het kapitaliseren van functies van de natuur, dus de capacitieit van een bos om CO2 op te slaan en van een bron om water te leveren. Door hier een prijskaartje aan te hangen kan je met een kosten baten analsye ‘biodiversiteitsverlies’ en ‘duurzaam beheer’ bijvoorbeeld tegen over elkaar zetten en afwegen.

Wat ik gevaarlijk vind hieraan is dat de waarde van functies van de natuur afhankelijk zijn van een menselijke inschatting van de kosten en baten van het behoudt ervan, de kosten en baten voor ons. Wij maken onszelf de enige shareholder. Daarnaast zou het Westen juist het voortouw moeten nemen om de exploitatie van de natuur qua omvang zoveel mogelijk moeten te beperken door hulpbronnen duurzamer te (her)gebruiken. Ongeveer 3/4 van de biomassa op aarde bereikt nog niet de commerciele markt. In plaats van dit potentieel aan het lot over te laten van kosten-baten analyses, kan er beter duurzamer om worden gegaan met de 1/4 die wel wordt gebruikt, bijvoorbeeld via de principes van Cradle to Cradle en de Circulaire Economie. Waarom dit nog niet op grote schaal van ontwikkelingslanden kan worden verwacht heb ik zojuist toegelicht. Daarom is het des te belangrijker om de natuur en haar functies vooral niet te commercialiseren, aangezien de meeste overheden in ontwikkelingslanden haar in de uitverkoop zullen doen en burgers staan buiten spel want zij zijn niet eens mede-eigenaar.  

Waar wel naar moet worden gestreeft in Rio+20, dat weet ik niet goed. Er zitten dan ook duidelijke flaws in mijn verhaal. Ik geloof enerzijds dat mensen in ontwikkelingslanden de oplossingen zelf in handen hebben om ecologische uitdagingen aan te gaan en ook daarmee hun economische positie te verbeteren. Natuurbehoud heeft, ook op microniveau, een economische waarde. Maar of het verstandig is om op mondiaal niveau te pleiten voor een verdere commercialisering van de natuur, daar heb ik sterke twijfels bij. Er is namelijk verre van een level playing field tussen landen op dit terrein. Daarom ben ik ook huiverig voor teveel internationale wet en regelgeving op milieugebied die economische groei juist kan belemmeren in ontwikkelingslanden. Tegelijkertijd realiseer ik mij wel dat lokaal initatief in ontwikkelingslanden bemoeilijkt wordt doordat burgers vaak geen mede-eigenaar zijn van schaarse hulpbronnen in hun omgeving wat het maken van een sterke businesscase om er duurzaam mee om te gaan bemoeilijkt. Dit is overigens ook het geval in Nederland. Kan duurzaamheid wel van bottom up komen? 

Over een paar dagen zullen we weten of de duizenden activisten en afgevaardigden bij Rio+20 iets dichter bij overeenstemming over duurzame ontwikkeling zijn gekomen. Volgens Wijnan Duyvendak, in een column op Joop.nl zal de top op niks uitlopen omdat niemand bereidt is offers te maken die de wereld kunnen redden. Onzin, als je het mij vraagt is Rio+20 is helemaal geen graadmeter voor de bereidheid om deze aardbol te redden. En het is sowieso een bizarre gedachte om te denken dat de aarde gered KAN worden op internationaal overleg. Daarmee doe je ten eerste de dagelijkse inspanningen van mensen en organisaties wereldwijd tekort die gewoon hun leven leiden of werk doen en amper een negatieve impact hebben op het milieu of er zelfs mee bezig zijn deze te verminderen. En ten tweede maak je daarmee de impact van de mens op de aardbol buitenproportioneel groot en belangrijk. De aarde, die is groot en belangrijk, wij een stuk minder

Can art change the world?

TED prijswinnaar JR vraagt met zijn kunstproject ‘Inside Out’ mensen over de hele wereld om portretten van zichzelf te delen om zo de wereld een iets betere plek te maken. Mensen kunnen de portretten delen door foto’s naar Inside Out te sturen. Ze krijgen de foto’s terug op posterformaat, met de opdracht deze te hangen op een plek waarmee ze denken een statement te kunnen maken. Inmiddels zijn er al honderduizenden foto’s opgehangen. Ook in Nederland, in Tilburg, is er een actie geweest waarbij mensen foto’s van moeders in de stad ophingen. Naast het zelf ophangen van foto’s zijn op meer dan 8000 plaatsen wereldwijd Photoboots gecreeerd waar mensen foto’s van zichzelf kunnen laten maken. Deze foto’s zijn direct zichtbaar opwww.insideoutproject.net

De kunstenaar vindt dat kunst de taak heeft de wereld een stukje mooier te maken. Do you agree?